Monique Kremer

Actueel

Publicaties, opinie, interviews, lezingen

Onderzoek: Niet-westerse migrant is het meest attent

Onderzoek naar alledaagse attentheid in tijden van superdiversiteit voorpagina Parool

Klik op de afbeelding om het artikel te lezen op de site van het Parool

Burgemeester Van der Laan riep in zijn afscheidsbrief op goed voor de stad en voor elkaar te zorgen. Onderzoekers van de UvA namen in Overtoomse veld de proef op de som. Wie is er echt lief?

“De inwoners zetten niet hun buurman onder de douche of halen hem uit bed, maar ze verrichten wel kleine hand- en spandiensten. Ze doen een boodschap voor hun buurman, zetten een vuilniszak buiten of brengen hem naar het ziekenhuis als dat nodig is. De attentheid is er dus wel, maar beperkt. De voordeur is een belangrijke scheidslijn. Toch is die beperkte attentheid juist voor de kwetsbare mens belangrijk,” zegt Kremer.

Artikel in Het Parool n.a.v. ons gisteren verschenen onderzoeksrapport Alledaagse attentheid in een superdiverse wijk.

Alledaagse attendheid in een superdiverse wijk

Onderzoeksrapport met Astrid Parys en Loes Verplanke

Klik op de afbeelding om de pdf te openen

In een superdiverse wijk is het niet vanzelfsprekend dat buren veel dagelijkse zorgtaken voor elkaar verrichten, al streeft het overheidsbeleid dat wel na. Dat blijkt uit ontmoetingen met ongeveer 50 bewoners, 32 mensen die in de wijk werken en maandenlange intensieve participerende observatie in Overtoomse Veld, Amsterdam. De voordeur is een behoorlijk harde grens.

Wel is er soms sprake van wat ‘alledaagse attentheid’ kan worden genoemd: een oogje in het zeil houden en als het nodig is, even helpen. Zoals de boodschappen naar boven tillen in het portiek of eten brengen naar een zieke buurvrouw. Vooral mensen die kwetsbaar zijn vinden het fijn als iemand vraagt: ‘alles goed?’ en als ze bij een buurman of -vrouw kunnen aankloppen in geval van nood. Praktijken van alledaagse attentheid zien we bijvoorbeeld op de trappen van de portiekflat. Ook buiten het flatgebouw zijn er in Overtoomse Veld ‘attente plekken’ zoals de kringloopwinkel, de supermarkt en de patatzaak. Attentheid kan ontstaan door de inrichting (zoals een zitje in de zaak) maar vooral door de mensen die er werken. In Overtoomse Veld is er volgens veel buurtbewoners een tekort aan dergelijke plekken.

Hoewel diversiteit door migratie het onderling contact tussen bewoners ingewikkelder kan maken omdat mensen elkaar niet (her)kennen, komt juist naar voren dat vooral mensen met een migratieachtergrond vaker attent lijken te zijn voor iemand met een Nederlandse achtergrond, dan andersom. Ook blijken er in Overtoomse Veld weinig plekken te zijn waar mensen van alle leeftijden en achtergronden zich thuis voelen of anderen kunnen ontmoeten. Vooral kwetsbare mensen met een Nederlandse achtergrond vinden dat er te weinig plaats voor hen is in de wijk. Dit rapport bevat aanbevelingen hoe in een superdiverse wijk alledaagse attentheid bevorderd kan worden.

Een beetje meer bestaansblues graag

Column op Sociale Vraagstukken

Ben Sajet Werkplaats op locatie: Zorgen in de wijk

  • Datum: 10 juli 2019
  • Tijd: 15.30-17.00 uur
  • Locatie: De Buurtzaak, adres: Chris Lebeaustraat 4, 1062 DC Amsterdam

Er wonen steeds meer kwetsbare mensen in de buurt, en de overheid verwacht dat buren en buurtgenoten meer voor elkaar gaan zorgen. Gebeurt dat ook? En kan dat wel? En wie kunnen nog meer een rol spelen: de winkels of woningcorporaties?

Op deze, en nog vele andere vragen, krijgt u antwoord wanneer op woensdag 10 juli van 15.30 – 17.00 uur in De Buurtzaak, Overtoomse Veld onderzoekers Monique Kremer, Astrid Parys en Loes Verplanke (Universiteit van Amsterdam) hun onderzoek naar ‘alledaagse attentheid in een superdiverse wijk’ presenteren. Hiervoor zijn vele bewoners en professionals gesproken. Lees meer

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17

Waar ik nu aan werk

Idealen van zorg in de super-diverse stad

Etnografisch onderzoek  onder cliënten en professionals van een Turks-Nederlandse thuiszorgorganisatie en een meer klassieke organisatie. Met Baukje Prins en Fuusje de Graaff van de Haagse Hogeschool.

De gezichten van de stad

Voor het Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken doe ik samen met Radboud Engbersen een verkenning. De afleveringen zijn hier te lezen
De vele gezichten van de stad

De vele gezichten van de stad

De triomf van de stad heeft een niet te stuiten stroom publicaties op gang gebracht: de inclusieve stad, de rechtvaardige...

De 'randen van Nederland’. Hoe staat het met de economie langs onze lands- en zeegrenzen?

Voor het Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken maakte ik samen met Radboud Engbersen een serie. De vier afleveringen zijn hier te lezen
De kust als economische levensader

De kust als economische levensader

We hebben een Noordzeekust van 523 kilometer die loopt van Zeeuws-Vlaanderen tot en met Noord-Groningen. Hoe staat het met de...

In het noorden van Nederland gaat het juist goed, behalve aan de randen

In het noorden van Nederland gaat het juist goed, behalve aan de randen

Artikel met Radboud Engbersen in Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken in de serie Economie aan de randen van Nederland. “Het noorden is...

Economie aan de randen van Nederland: de Achterhoek

Economie aan de randen van Nederland: de Achterhoek

De Achterhoek ligt, zoals de naam al zegt, voor veel mensen ergens afgelegen. Houd je van een rustige, landelijke vakantie...

Grensweerstanden in Limburg. Economie aan de randen van Nederland

Grensweerstanden in Limburg. Economie aan de randen van Nederland

Wat de krimpregio Zuidoost-Limburg doet verschillen van de andere Nederlandse krimpregio’s is dat het grenst aan één van de dichtstbevolkte...

Monique Kremer studeerde Algemene Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht en Social Policy aan de University of Sussex, Verenigd Koninkrijk. Zij is als onderzoeker verbonden geweest aan het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn, de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Utrecht.

Lees meer